Eén uur
Een atelierverhaal over maken, missen en pacen
Prefer to read this in English? The translated version is available here →
Mijn atelier is op dit moment vooral een plek waar ik mis.
Waar mijn handen niet maken en projecten geduldig wachten tot ze veranderd worden in nog niet vertelde verhalen. Had ik maar hetzelfde geduld.
Er hangt een heerlijke geur: een mix van van hout, metaal, thee en schoon. Dat laatste komt van een trilbadje met zeepsop. Het is een kleine ruimte volgepropt met materiaal, gereedschap en mogelijkheden. In periodes dat ik helemaal niet kan maken, beklim ik soms toch de trappen naar mijn atelier, gewoon om er even te zijn. Om rond te kijken, dingen aan te raken, foto’s te maken. Mijn handen zijn makershanden; die missen het gevoel van materiaal, textuur, gewicht en bewerken.
Niet kunnen maken als maker-verzamelaar, dat schuurt. Mijn atelier voelt daardoor bijna als een fysieke representatie van mijn brein. Een archief vol ideeën en onafgemaakte beginsels, een verzameling hoop met een randje verdriet.
De afgelopen jaren heb ik geleerd wat het betekent om te pacen. Het brengt me inzichten die ik zonder dit proces nooit had ontdekt. Wat ik nu kan: een uurtje achter elkaar werken in mijn atelier. Rust ervoor en rust erna.
Mijn laatste af-af werk kwam tot stand in 10 uur, verdeeld over 11 dagen, verspreid over 4 maanden. Een proces vol ups en downs.
Tijdens een even-in-atelier moment werd mijn aandacht getrokken door een gekke, lange, spiralende schelp. Ik pakte het ding, woog het in mijn hand. Geen twijfels. Ik duwde een poppenhandje in de opening en legde er een takje bloedkoraal bij. De verzameling lag klaar op mijn schone, lege werkbank: voor de volgende keer.
Waar ik twee jaar geleden nog met vooral verdriet bewoog door de stille ruimte, voelde ik nu óók vertrouwen. Ik ga dit maken. Ik wéét dat ik het kan. Deze nieuwe realiteit voelt soms bijna natuurlijk. Bijna dan.
Op de dag dat ik dacht dat ik het werk zou afmaken, voelde ik rust.
Het einde van een reis: geen race, maar een pelgrimstocht.
In de maanden onderweg naar dit moment had ik — uiteraard — allerlei brein-zijpaadjes bewandeld, tijdens de periodes van niet maken. Want maken of niet, de tijd staat nooit stil en mijn brein evenmin. Dankbaarheid verandert al snel in brandstof voor fantasieën over meer, meer, meer…
Want hoe accepteer ik, als mens en maker, dat iets het ene moment wél lukt en het volgende niet?
Wat als ik…
✧ het werk kan insturen voor een open call
✧ weer een hele serie weet te produceren
✧ straks wekelijks drie dagen een uurtje werk maak in mijn atelier
✧ dan mijn webshop vul en weer open
Op die dag, de geplande af-af-dag, draaide ik heel voorzichtig de schelp in zijn zilveren spiraal. Het paste perfect. Ik had het op maat gemaakt. En toch zette ik kennelijk net iets te veel kracht.
KRAK.
De schelp brak.
En ik voelde niks.
Ik schrok even van de krak, maar er volgde geen emotie. En dat niets voelen, dat voelde raar. Ik ken mezelf. Dus ging ik naar huis. Pas uren later, tijdens het rusten, kwam er toch een reactie: verdriet, boosheid, frustratie, het op willen geven. In mijn handen leefde de echo van die schelpkrak en een diep verlangen naar nog meer breken. In een vlaag van verstandigheid had ik de schelp niet meegenomen naar huis. Gelukkig. Het geheel lag nog (kapot) op mijn werkbank. Voor de volgende keer. En die kwam. Vele malen later dan ik had bedacht.
Ik besloot een oplossing voor de schelpbreuk niet te forceren en een nachtje te slapen over alle mogelijkheden — inclusief het hele stuk platstampen.
Maar dat nachtje duurde zes weken. Weken waarin ik soms helemaal niets kon. Daarna hield ik me bezig met andere dingen. Ik ontbrak in mijn atelier. Zelfs een kort moment daar zijn lukte niet. En langzaam begon ik weer van het stuk te houden.
Ik maakte het af‑af, in twee keer een half uur, zodra het weer ging.
En ja, dat voelde goed. Het moment dat alle losse uren samen optelden tot meer dan de som der delen.
Maar dat geluksgevoel zit niet alleen in het afmaken.
Het zit in steeds dat ene uur. In het maken zelf.
In mijn handen die weten.
In tijd die vanzelf voorbijgaat.
In het gevoel van thuiskomen.
Daarna begint het verlangen.
Meer van dit.
En ook de ontevredenheid:
waarom niet langer?
Tot het weer kan.
Een uur in het nu.
Thuis in atelier.
Tijdens het tweede jaar van mijn kunstacademietijd leerde ik van mijn mentor:
‘Beter één geconcentreerd uur, dan een waterige week.’
Dat had toen betrekking op focus: balans tussen rust en inspanning, tijdsverdeling. We jongleerden met talloze projecten, en mijn gezondheid haperde toen ook al. Jaren later blijkt dat advies alleen maar relevanter.
Ik dacht dat acceptatie rustiger zou voelen, maar het is geen rustpunt.
Aan de ene kant wil ik voortdurend nog meer kunnen. Aan de andere kant leer ik telkens opnieuw accepteren wat (on)mogelijk is. Iedere keer dat ik gewend ben aan de laatste update van mijn realiteit ontgroei ik hem. Een nieuw slangenvel om af te stropen: ongemakkelijk. Mijn situatie verandert continu en zelfs verbetering schuurt soms. Want door die verbetering ontstaat er ook meer ruimte voor rouw.
Ik heb geleerd te pacen.
Nu leer ik leven met het niet weten.
⁂
✶ Serie:
Nieuw geluk(t) - kleine momenten van herontdekt plezier op een manier die past bij het nu.
✶ Het stuk dat ik creëer in dit verhaal heet Turritella. Het eerste sieraad binnen de groeiende serie Schulp. Over schuilen, schelpruis en het lichaam als tijdelijk thuis.
Op mijn website groeit het Schulp sediment hier in trage lagen →
✦ Pacen is een manier van bewust leven binnen de grenzen van beperkte energie. Het gaat om het afwisselen van inspanning en rust, zodat verergering van klachten zoals PEM (post-exertionele malaise) wordt voorkomen. Pacen kan op alle soorten activiteiten worden toegepast: lichamelijk, cognitief, emotioneel en zintuiglijk. Het is geen genezing, maar een strategie om energie zorgvuldig te verdelen en kwaliteit van leven te verbeteren.
✦ Afbeeldingen afkomstig uit de persoonlijke precious matters-collectie, nu onderdeel van dit groeiende archief. Kleine momenten, met zorg verzameld, een leven lang: fragmenten van een zacht universum in wording.
Alles groeit hier langzaam,
met zorg, in een eigen ritme.
𓆑 𓂃 ˖ ݁.





